Dit artikel is eerder verschenen in ONZEJEUGD 2026 / nr 6/7.
Een motorrijder op de weg rijdt een andere motorrijder tegemoet. Er volgt een knikje of een handgebaar. In een split second. Er is herkenning en verbinding. Op diezelfde weg besturen verschillende mensen auto’s. Zij knikken of gebaren niet naar elkaar; hoe zou dat komen? Zou het zo kunnen zijn dat we het normaal vinden dat auto’s op een weg rijden en dat een motorrijder ‘specialer’ is en er daarom een behoefte ontstaat om elkaar te zien?
Als we dit nu eens doortrekken naar het onderwijs waar het merendeel van de kinderen hun schoolcarrière doorloopt zonder horten of stoten. Ouders van deze kinderen ontmoeten elkaar op het schoolplein, kletsen bij over hun kinderen, het weer, de schoolreisjes, de rapporten. En ergens in deze groep van ouders bevindt zich ook een ouder van wie haar kind een ander pad doorloopt. Zij is zoekende in de verhalen die de andere ouders vertellen, deze sluiten niet helemaal aan bij haar beleving. Minder (h)erkenning en verbinding. Om in de metafoor te blijven: zij is op zoek naar andere motorrijders.
Precies om deze reden is het belangrijk dat ouders van wie hun kind een ander pad doorloopt in het onderwijs elkaar ontmoeten. Als JONK, Jeugd- en Oudersteunpunt Noord-Kennemerland, hebben we deze behoefte jaren geleden gesignaleerd en organiseren wij regelmatig bijeenkomsten voor ouders. Deze ontmoetingen zijn geen extraatje, zij zijn een belangrijke vorm van steun, preventie en versterking. We bouwen gezamenlijk aan een gemeenschap.
Wat ik tijdens deze avonden zie gebeuren is dat ouders binnenkomen als zoekende individuen die voelen wat juist is, maar dit niet altijd onder woorden kunnen brengen. Door te luisteren naar de verhalen van anderen zie ik dat de ouders ruimte krijgen om te luisteren naar hun innerlijke kompas en daaruit steun vinden, gepaard met praktische tips, om de volgende dag weer een stap te zetten. De ouders vertellen over wat het voor jouw ouderschap betekent als je kind een ander pad loopt, hun zoektocht, wat hen steunt en wat pijn doet. Na afloop van de avonden geven ouders terug dat het een eenzaam proces is maar dat zij nu niet meer het gevoel hebben het alleen te hoeven doen. Zij ervaren het delen van kennis en ervaring als steunend.
Wat mij het meeste bijblijft tijdens deze avonden is dat wanneer ouders het pand uitgaan en ik later zelf naar buiten stap, de ouders vaak voor de deur in het donker (zelfs in de regen) nog met elkaar aan het praten zijn. Voor mij de kroon op mijn werk; dit is waarvoor we het doen.
Eva Schmidt-Cnossen MSc, Regisseur JONK (www.jo-nk.nl)


